Japanse bladvlo uitgezet tegen invasieve duizendknoop

Op drie locaties in Nederland zijn de afgelopen week bladvlooien uitgezet die leven van de Japanse duizendknoop. Als het insect de winter overleeft én zich goed weet voort te planten, dan hebben we er een hulpmiddel bij in de strijd tegen de invasieve exoot.

Uitzetten bladvlooien tegen Japanse duizendknoop
Bioloog Suzanne Lommen (rechts) zet samen met haar onderzoeksassistent Lotte Littooij vijfduizend bladvlooien uit op Landgoed Wellenseind.

Bioloog Suzanne Lommen van de Universiteit Leiden leidt het onderzoek #uitde1000knoop in opdracht van een groot aantal financiers. Op landgoed Wellenseind in Brabant liet ze vrijdagmiddag 23 oktober samen met haar onderzoeksassistent Lotte Littooij zo’n vijfduizend bladvlooien los. De insecten zijn nakomelingen van een populatie die uit Japan is geïmporteerd en bij Koppert (producent van biologische bestrijders) in Berkel en Rodenrijs verder is uitgebreid.

Beide onderzoekers droegen witte pakken en een haarnetje om te voorkomen dat ze onverhoopt een bladvlo mee naar huis namen. „Omdat we alleen voor drie locaties een ontheffing van het RVO hebben om de bladvlooien uit te zetten.” Naast Wellenseind zijn dat locaties in Amsterdam en Zeist.

Japanse bladvlo tegen duizendknoop
De Japanse bladvlo (Aphalara itadori) voedt zich uitsluitend met Aziatische duizendknopen.

De meeste nakomelingen
De locatie op landgoed Wellenseind is aangemeld door Waterschap De Dommel, één van de vele financiers van het onderzoek. De plek is onder meer uitgekozen omdat er voornamelijk Boheemse duizendknoop groeit. Van de drie Aziatische duizendknopen die in Nederland aanwezig zijn, is dat de soort waarop de bladvlo het het beste doet. „Ze doen het goed op alle drie, maar op de Boheemse krijgen ze de meeste nakomelingen.’’

Overleeft de bladvlo de Nederlandse winter en plant hij zich vervolgens succesvol voort? Als dit zo is, dan hebben beheerders er een hulpmiddel bij in de strijd tegen de Japanse duizendknoop. „Waar ze passief van profiteren”, benadrukt Lommen. „We introduceren de bladvlo in het Nederlandse ecosysteem, het is niet de intentie dat je in de toekomst een buisje met bladvlooien kunt kopen. Het wordt geen commercieel product.’’

Aangetaste planten - uitzetten bladvlo Japanse duizendknoop
Een door de bladvlo aangetaste duizendknoop.

Jonge scheuten in toom
Overigens zijn de effecten van de introductie van de bladvlo pas na een aantal jaar te merken. Als het insect zich in de loop van de tijd in heel Nederland weet te vestigen, dan kunnen ze wellicht de nazorg van duizendknoopbeheer makkelijker maken. „Stel dat er planten zijn verwijderd door ze af te graven. Als er dan later toch weer scheuten opkomen, dan houden de bladvlooien hopelijk die jonge scheuten in toom waardoor de plant niet opnieuw uitgroeit’’, geeft Lommen als voorbeeld.

„Maar dat lukt alleen als hij in heel hoge dichtheden aanwezig is.’’ De onderzoeker heeft bij de Europese Unie een subsidie aangevraagd om de komende vijf jaar op dertig andere plekken in Nederland de bladvlo uit te zetten.

Uitzetten heel veilig
Aan het loslaten zijn jaren van onderzoek voorafgegaan, onder meer door het Britse intstituut CABI om de risico’s én de mogelijke voordelen vast te stellen. „Van de exotische insecten die in Nederland zijn toegelaten, is de bladvlo het meest uitgebreid gescreend op risico’s voor andere planten, het uitzetten vormt volgens onafhankelijke experts geen gevaar voor de Nederlandse biodiversiteit”, zegt Lommen. „Het alternatief is dat je de plant maar laat woekeren. Of dat je bestrijdingstechnieken gebruikt die nadelige neveneffecten hebben zoals bodemverstoring. Met de bladvlo erbij zijn die hopelijk in de toekomst minder nodig.’’

Importeren exoten niet nieuw
Daarnaast wijst ze erop dat het importeren van exoten niks nieuws is. Er zijn tal van exotische biologische plaagbestrijders op de markt voor de land- en tuinbouw die veilig zijn bevonden. Bovendien zijn de meeste sierplanten exoten. „Die importeren we omdat we ze mooi vinden, maar die worden niet standaard gescreend op veiligheid. De meeste daarvan vormen geen enkel probleem, maar enkele daarvan blijken invasieve soorten waarvan we nu veel last hebben.’’

In het onderzoek #uitde1000knoop werken verschillende partijen samen, elk met een eigen expertise. Dat zijn de werkgroep Plaagsoorten van de Unie van Waterschappen, Probos, Stowa, Universiteit Leiden, CABI en Koppert. De uitvoering wordt gefinancierd door een groot aantal waterschappen, gemeenten, Rijkswaterstaat en ProRail.

UItzetten Japanse bladvlo tegen duizendknoop
Op speciaal voor het onderzoek opgekweekte duizendknoop-planten zijn de bladvlooien naar de locaties getransporteerd.

 

guest
0 Reacties
Inline feedbacks
Bekijk alle reacties