De Boomkwekerij Teelt Even mee met bacterievuurcontrole op de fiets

    Even mee met bacterievuurcontrole op de fiets

    0

    Van 1 juli tot en met 15 oktober zijn controleurs van Naktuinbouw op pad om de beplanting in de bufferzones te controleren op de aanwezigheid van bacterievuur. Inspecteur Pieter Dam aan het woord.

    Het is mooi weer en Pieter Dam fietst in een rustig tempo door Benthuizen. Al fietsend kijkt hij turend rond, dan weer kijkend naar rechts en dan weer naar links. Het is zichtbaar dat Dam niet gewoon voor zijn lol een stukje aan het fietsen is. Hij lijkt duidelijk op zoek naar iets. „In het verleden heb ik daar regelmatig opmerkingen over gehad of vragen wat ik zocht”, vertelt Dam. Sinds dit jaar fietst Dam in een bodywarmer waar op de rug vermeld staat ’Naktuinbouw Bacterievuurcontrole’. „Voor mensen is dan ook zichtbaar wat je doet. Het is toch een beetje raar als iemand bij een huis stopt en geconcentreerd naar de tuin staat te kijken. Zeker tegenwoordig schept dat bij mensen achterdocht. Met die bodywarmer is het beter zichtbaar wat ik doe en kan ik het ook makkelijker uitleggen.”

    Dam is controleur bacterievuur van Naktuinbouw in de bufferzones Boskoop en Opheusden. Afhankelijk van de grote van de bufferzone wordt de controle door één iemand of meerdere personen gedaan. „Boskoop is een relatief kleine bufferzone, die doe ik alleen. In Opheusden werken we met drie controleurs.” Het aantal controleurs is niet alleen gebaseerd op de omvang of het areaal van de bufferzone, maar ook op het aantal te controleren objecten.

    Sterretjes duiden op meidoorns

    Dam laat een kaart zien. Het is een plattegrond waar de grens van het gebied op aan staat gegeven, maar her en der op de kaart staan ook sterretjes aangegeven met een code. De sterretjes duiden op de aanwezigheid van meidoorns. De code maakt duidelijk om wat voor soort beplanting het gaat, of het bijvoorbeeld een solitaire plant is of een haag. „In bufferzone Boskoop zijn relatief weinig meidoorns, er zijn bufferzones waar dat wel anders is”, weet Dam. Natuurlijk kijkt Dam niet alleen naar meidoorns, alhoewel zij wel het belangrijkst zijn in de controle. Ook andere waardplanten als peer, appel, vuurdoorn en lijsterbes worden bekeken.

    Inspecteurs hebben een plattegrond van het door hun te controleren gebied met daarop met een ster aangegeven waar meidoorns staan.

    Jaarlijks vindt de controleur ongeveer twee tot drie aantastingen van bacterievuur tijdens zijn controles. „Dan ga ik vervolgens naar de eigenaar van de plant om ze op de hoogte te brengen van de besmetting en ze te verzoeken de plant te verwijderen.” Doorgaans wordt die instructie zonder veel problemen opgevolgd. „Als je mensen maar uitlegt waarom we dit doen en wat het belang is van het ruimen van dergelijke planten. Mensen hebben dan wel begrip en zijn welwillend om mee te werken.”

    Een enkele keer wordt er gevraagd om bewijsvoering. Dan wil de eigenaar van de plant dat er middels een onderzoek wordt vastgesteld dat het daadwerkelijk om bacterievuur gaat. „Dan moet de plant er alsnog uit. Gelukkig zit daar regelgeving aan vast, we hebben daarin de NVWA achter ons staan. Dat maakt het wel makkelijker.”

    Aan de code op de kaart kan de inspecteur zien om wat voor soort te controleren beplanting het gaat. In dit geval een meidoornhaag.

    Weleens besmetting net buiten bufferzone

    Overigens komt het ook weleens voor dat de controleurs een besmetting aantreffen op de grens die dan officieel net buiten de bufferzone valt. Dam wijst naar perenbomen die in volkstuintjes staan aan de andere kant van de weg. „Officieel vormt deze weg tussen Benthuizen en Zoetermeer de grens van de bufferzone, maar als je dan ziet dat een dergelijke perenboom besmet is, ga ik toch op zoek naar de eigenaar om dat te bespreken en ze te vragen om de plant te ruimen.” Dam heeft dit in het verleden ook in de praktijk meegemaakt. „Ondanks het feit dat ik dan alleen kan vragen en ze niet kan dwingen, zijn mensen dan toch bereid om mee te werken zolang je wederom maar duidelijk maakt waarom.”

    Dam voert de controles vrijwel allemaal op de fiets uit. „Met de auto ben je teveel bezig met het verkeer en rij je te hard om goed te kunnen controleren. Op de fiets kan je makkelijker stoppen of je tempo aanpassen als er meer objecten zijn die je moet bekijken.” Vooralsnog heeft Dam in de eerste week mooi weer tijdens zijn inspecties. „Het is bijna te warm, maar ik mag natuurlijk niet klagen”, zegt hij en vervolgens fietst hij weer weg om zijn inspecties voort te zetten.

    Pieter Dam zet zijn bacterievuurcontrole fietsend voort.

    Foto’s: Ketura Haveman

    Reageer op dit artikel

    avatar