Kijken

0

Het gaat niet zo goed met het Oostenrijkse voetbal. Tja, nu vraagt u zich waarschijnlijk af waarom ik dat weet. Ik zal het uitleggen. In het Wörthersee-stadion in Klagenfurt is een bos aangelegd.  De 22 artiesten die er normaal speelden, boden zo weinig vermaak dat ze zijn vervangen door drie­honderd bomen. Eigenlijk driehondervijf, maar er bleken vijf bomen geschorst te zijn.

‘For forest, the unending attraction of nature’, zo heet het project. En je kan dus echt vanaf de tribune gaan zitten kijken naar een geplant bos, midden in een stadion met 33.000 stoeltjes. Bier, friet en worst zijn beschikbaar, de toegang is gratis en het is 24 uur per dag geopend. Dit is het enige stadion in de wereld waar supporters rustiger naar buiten komen dan dat ze erin zijn gegaan, zeker weten.

Ik zie mezelf al zitten mijmeren. Kijkend naar het bos zie ik achterin Jaap Stam, vaag herken ik ook nog Ronald Spelbos, de spits is Romano Denneboom, de coach Peter Bos en als stadionspeaker herken ik toch duidelijk Peter Houtman. Hans Kraai doet vanuit een hoge boomtop het commentaar.

Maar even serieus. Kijkend vanaf een tribune naar de schoonheid van de natuur, nadenkend over dit project is het toch ontzettend treurig. Dat het gratis toegankelijk is bedoel ik dan hè. Nu kost het waarschijnlijk gemeenschapsgeld, al is het dan Oostenrijks, dus betalen die met zijn allen mee.

Het zou pas echt een leuk project zijn als het zichzelf ook financieel zou kunnen bedruipen. Ik bedoel, het zal niet live uitgezonden worden, dus geen dure reclames die in de rust verkocht kunnen worden. Bovendien, als Heineken zou sponsoren, waren er geen bomen geplant, maar hop en gerst.

Wat hoop ik toch dat er een steenuil zich vestigt in dat bos. Of een kamsalamander. Zodat het nooit meer gerooid mag worden. En dat mensen altijd op die tribune kunnen gaan zitten kijken. Trouwens. Ik zoek nog 72 umpire-stoelen. Die ga ik verspreiden door de kas. Wat dacht u ervan? Vijftien euro per uur?

Reageer op dit artikel

avatar