Snoeien tussen de oehoes

Na tien minuten uitdunnen van een Deutzia gracilis besluit ik dat de heester een hopeloos geval is. De twijgbloeier is duidelijk het jaar daarvoor niet goed gesnoeid waardoor mijn uitdunnen een gedrocht begint op te leveren.

Dan maar compleet afzetten, zoals onze praktijkdocent Kees als tip heeft gegeven, wanneer er geen beginnen aan is. ‘En volgend jaar proberen er een tweejaarlijkse snoeicyclus in te brengen zodat je elk jaar bloei hebt.’ Volgend jaar zullen de bezoekers van Faunapark Flakkee het dus zonder het overdadig wit van de bruidsbloem moeten doen. Hoewel dat jammer is, voelt het best goed om de struik compleet, rigoureus met de takkenschaar af te zetten en hem een nieuw begin te gunnen.

We zijn deze zaterdag naar Nieuwe-Tonge gereden waar het Faunapark zich bevindt. Het park herbergt vogels van allerlei pluimage: zes oehoes uit alle windstreken, een blauwgele ara roept af en toe hallo, en wanneer ik de Hypericum aan het afzetten ben, laat ik telkens als ik snoeiwerk weggooi, een troep kleine zebravinken, rijstvogels en diamantduifjes verschrikt heen en weer vliegen.

’s Morgens hebben we de belangrijkste snoeiwetten in vogelvlucht doorgenomen om ze mooi hier in de praktijk te kunnen brengen. Een uitkomst voor de beheerder, want hij is volledig afhankelijk van vrijwilligers.

Jungle
Het groen in het park zal er na aanleg zeker mooi hebben uitgezien. Zo staan er grappige vierkante coniferen op stam en een Cotoneaster in boomvorm, die nu topzwaar is van de rode bessen en volgens Kees in deze vorm niet meer verkocht wordt. Ook ’s zomers zal de tuin er heel aardig bij liggen, zeker voor de leek. Zo aan het einde van de herfst echter, met nagenoeg alles kaal, is duidelijk te zien dat het onderhoud niet door professionele handen wordt gedaan. Een jungle en een zooitje, volgens de cursisten die zelf al dagelijks in het groenonderhoud zitten en blijkbaar wat beters gewend zijn. Er worden grote stammen Liguster ovalifolium afgezaagd uit 1m hoge heggen en hoewel we hier en daar wel wat uitdunnen, bestaat het snoeiwerk hoofdzakelijk uit afzetten.

Behalve dat we deze dag leren dat het snoeien nauw luistert en als je het maar even verwaarloost er bij de snelgroeiende heesters er alleen nog maar rigoureus kan worden ingegrepen, leren we ook nog een tweede belangrijke les: de klant heeft het uiteindelijk voor het zeggen, ook al adviseer je hem vanuit je professionaliteit iets heel anders. Dat blijkt wanneer Kees ons enigszins bedremmeld meldt dat ook alle siergrassen tot de grond toe moeten worden afgezet, zelfs de 2 m hoge Miscanthus, die nu op hun mooist zijn en nog maanden sierwaarde hebben.

Tja, vanuit de beheerder bezien is het begrijpelijk, hij heeft nu vele handen hulp en in het voorjaar moet hij nog maar zien of er weer vakmensen klaarstaan. Plus dat ’s winters het Faunapark toch dicht is. Behalve wij, zal er niemand om malen, de oehoes of zebravinken al helemaal niet.

Tijdens de derde praktijkdag nemen we het groen van Faunapark Flakkee onder handen.

Kees geeft uitleg over de Coteneaster in boomvorm

De Miscanthussen gaan plat