Opinie Ruud Aanhane Wie weet…

    Wie weet…

    0

    „Pap, kun je me helpen?” Zoon Joep vraagt het tussen twee regels door. „Ik moet die stomme planten zien te leren. Ik krijg het niet voor elkaar! Als jij me helpt ben ik straks van die stomme school af.”

    Vanaf Joeps kleutertijd wilde hij al ’tuinhovenier’ worden. Inderdaad, de appel valt niet ver van de boom. Inmiddels hoopt hij dit schooljaar zijn BBL-opleiding af te ronden. Hoopt, omdat dat nog helemaal niet zeker is. Plantenkennis is een probleem. Om in mei alle 750 planten te kennen moeten er elke dag vijf takken op tafel komen. Eerst maar de coniferen…

    En zo komt het dat ik met een zakmes in de aanslag, met heel andere ogen naar mijn omgeving kijk. Ineens zie ik ze weer, de Obtusa’s, de Pfitzeriana’s en de Menziesii’s. Ongelooflijk maar waar: ze bestaan nog! Dacht dat die inmiddels wel uitgestorven waren. Rijdend door een straat zie ik in mijn ooghoeken een prachtige Sciadopitys verticillata. Die hebben we nog niet! Ik parkeer half op de stoep, stap gewoon de voortuin in, kijk even of ik niemand zie en snij dan een mooi takje af.

    En dan gebeurt het. De kerstverlichting! Niet gezien! De kabel is dwars doormidden! Even denk ik gewoon weg te lopen maar daar zie ik toch vanaf. Aanbellen en de situatie uitleggen? Ik voel me stom en asociaal en vooral heel schuldig. Waarom moet ik me ook opwerpen om takken te gaan snijden? Laat dat joch zijn eigen zaakjes regelen! Juist als ik toch maar weg wil lopen komt de postbode aan. Hij drukt me de post in de handen, ik wil protesteren, maar hij is al weer weg.

    Daar sta ik dan. Met een takje Sciadopitys verticillata en de post van een wildvreemde. Ontredderd kijk ik rond maar ik kan nergens steun vinden. Het is doodstil in het buurtje. Het hele universum is tot stilstand gekomen en wacht op een besluit. Van mij. Ik kijk van mijn handen naar de post. Blauwe enveloppen. Brieven. Rekeningen? Dan valt mijn oog op een kerstkaart. Op de voorkant een witte duif. Op de achterkant staat met lange halen geschreven:

    „Het was weer een jaar met mooie momenten,
    Er waren lichtpuntjes die we koesterden
    Maar zoals altijd onaangekondigd, wordt groei weer geknot
    Oorlog, armoede, hebzucht
    Ze ontwrichten dat wat tot leven zou moeten komen
    Moge 2015 een vredestak brengen
    Gelukkig kerstfeest!”

    Ik sluip naar de brievenbus, deponeer de post en het takje erachteraan. Ik weet niet of er in de tijd van Noach al Sciadopitys bestond, maar het zou zo maar kunnen.

    Wie weet…

    Gelukkig kerstfeest.